Logo
  • uur tijdsverschil met Nederland +1 uur tijdsverschil met Nederland
  • gemiddelde temperatuur 24-32 gemiddelde temperatuur
  • adviesperiode MEI-SEP adviesperiode
  • foto's 13 foto's

De Griekse stranden zijn wereldberoemd. Lekker weer, warm helder water en de fijne Griekse keuken. Maar ken je de Olympus Riviera? Vernoemd naar de bekende berg Olympus, die te zien is vanaf het strand. Corno reisde erheen en geeft 5 must do-tips.

1. Knisperende stranden

In het noorden van Griekenland, tussen Thessaloniki en Athene in, ligt de Olympus Riviera. Met de auto ben je vanaf Thessaloniki binnen een uurtje op bestemming. Het eerste wat ik zie als ik aankom, zijn goudgele stranden, groene palmbomen en blauwe vlaggen. De zon schijnt, mijn tenen knisperen in het zand. Achter de stranden doemt een berg op. Het is de beroemde berg Olympus, die iedereen kent van de oude Grieken. Strand met sneeuw op de achtergrond, wat heb je nog meer nodig? Een beter welkom in de Olympus Riviera kan ik me niet wensen. 

Dwalend over de kilometers lange stranden kom ik vanzelf het dorpje Paralia tegen. Een ochtend hier is zoals ik bij een vakantie verwacht. Het kabbelen van de zee, de zon die per minuut meer warmte lijkt te geven. Een paar mannen praten wat op een bankje. Op hun dooie gemak. De kerk valt op. En niet alleen door de spierwitte Griekse stijl. Hij staat in het hart van het dorp, maar opvallend genoeg ook direct aan het strand. De rust is hier te voelen. Ook ik hoef niets te doen vandaag, heerlijk. Vakantie zoals vakantie bedoeld is.

2. Huis van de goden: Mount Olympus

Voor de Grieken was de Olympus mythisch; deze berg was het terrein van hun goden. De Griekse dichter Homerus noemde de Olympus dan ook het ‘Huis van de goden’, en dan met name voor de oppergod Zeus, vanwaar hij soms zijn bliksemschichten naar beneden wierp.

Ik begrijp wel waarom dit voor de Grieken een bijzondere berg is.

Ik besluit een kijkje te nemen. Bij het bezoekerscentrum van het Nationaal Park Mount Olympus word ik overdonderd door al het leven op de berg. En dan met name door onder meer de bloemen, zoals orchideeën en gentianen, die hier groeien en door het feit dat er beren en wolven in het gebied voorkomen. Sinds 1938 is het een nationaal park, waar je heerlijk kunt wandelen. In de vele bossen, maar ook tot boven de boomgrens, waar je op de rotsen loopt. De top – maar liefst 2918 meter hoog en vaak besneeuwd – lonkt. Toch kies ik voor een van de talloze uitgezette wandelpaden in het lager gelegen deel. De rivier volgt de kloof die diep in de berg snijdt. Via diverse houten bruggetjes volg ik het pad. Op een heuvel zie ik een oud klooster. Wat is de berglucht toch lekker, dwalend door kleurige loofbossen en donkere naaldbossen, over rivieren en langs bergweiden. Ik begrijp wel waarom dit voor de Grieken een bijzondere berg is.

3. Kloosters van Meteora

Op zo’n twee uur rijden van de Olympus Riviera doemen in het relatief vlakke landschap ineens 24 kloosters gebouwd op rotsen op: Meteora. Ik word verrast door een van de mooiste autoritten in Europa. De weg slingert door de dorpjes en tussen rotspartijen door. Overal zie je kloosters op de rotsen, vaak tot de rand. En wat het extra bijzonder maakt, is het feit dat hier (ook nu nog) monniken en nonnen leven.

Terwijl ik hier ronddwaal, vraag ik me keer op keer af: hoe hebben ze dit ooit gebouwd?

Slechts zeven van de kloosters zijn open voor het publiek. De rest is ontoegankelijk of nog vervallen tot een ruïne. Waarbij je er wel rekening mee moet houden dat de kloosters op verschillende dagen dicht zijn. Wanneer ik er ben is de grootste, Mega Meteoron (Groot Meteoron), dicht. Maar gelukkig is het veertiende-eeuwse Varlaam, dat als een roofvogel bovenop de rots hangt, wel open. De kapel is mooi bewerkt en vanaf het terras heb je ongekende uitzichten over dit landschap. Twee monniken vertellen over hun rustige leven hier, ondanks de toeristen. ‘Genoeg verblijven zijn natuurlijk niet open voor het publiek. Daar leven wij ons leven. En ja, wij zien ook hoe uniek die omgeving is.’ 

Die omgeving viel mij inderdaad ook al op. Vanaf talloze plekken op de weg kun je stoppen. Ik doe het onder meer om de zonsondergang te zien. En hoewel de weg heerlijk is, vind ik wandelen beter: er zijn diverse wandelpaden, zowel in de valleien als over de rotsen. 

Terwijl ik hier ronddwaal, vraag ik me keer op keer af: hoe hebben ze dit ooit gebouwd? De meeste van de 24 kloosters stammen uit de veertiende eeuw. Toen hadden ze geen hijskranen, helikopters of andere grote hulpmiddelen. Dit alles moet handwerk zijn, toch? De monniken leggen het uit. ‘Het merendeel aan gebouwen is natuurlijk wel door de eeuwen heen steeds groter geworden.’ Het begon met monniken die letterlijk het normale leven wilden ontvluchten – velen van hen werden vervolgd. Ze bouwden letterlijk boven op een rots een hutje, en breidden dat steeds verder uit.

4. Mezzes, lelijke (maar lekkerste) vis en mastieklikeur

Het Griekse eten kennen we bijvoorbeeld van de – welbekende – pita giros of de ‘mixed grill’. Maar dat zie ik hier nergens. Sterker nog, ik zie alleen maar dingen die ik ken van mijn eerdere reizen naar Griekenland. Mezze; kleine hapjes om je vingers bij af te likken, heerlijke moussaka (aubergineschotel met gehakt) waar ik altijd te veel van opschep en calamares, inktvis die in je mond zwemt. Perfect met een ouzo of een mastieklikeur, die wordt gemaakt van hars.

 

Hmm, het gaat ook bij vissen vaak niet om het uiterlijk’, zeg ik tegen de man

Op mijn reizen ga ik altijd naar havens, zelfs in kleine dorpjes. In de ochtend is er in de haven van Paralia veel bedrijvigheid, wanneer de verse vis van de boten komt. De meeste vis worden ter plekke verwerkt, de rest gewogen en in vers ijs gelegd. Ik kan hier uren naar kijken. 

Een man verwijdert behendig de schubben met een opvallend groot mes. Ik zie tientallen soorten vis, waaronder mijn favoriete inktvis, garnalen en talloze soorten witvis. Maar ik spot ook onbekende soorten. Sommige zien er lelijk uit, maar ik heb tijdens mijn reizen geleerd dat deze vaak het lekkerst zijn. ‘Hmm, het gaat ook bij vissen vaak niet om het uiterlijk’, zeg ik tegen de man. Hij moet lachen. Het wordt tijd om een restaurant te zoeken; hier word je hongerig van.

5. Thessaloníki

Na Athene is Thessaloníki de grootste stad van het land én de vertrek- en aankomstluchthaven voor als je naar de Olympus Riviera wilt. Het is letterlijk een heerlijke plek om te ‘landen’ wanneer je aankomt of afscheid te nemen als je vertrekt. Ik ga, vlak voordat ik naar huis ga, nog even een frisse neus halen op de boulevard, wat eten en drinken en gewoon nog even het vakantiegevoel over me heen laten komen. Niets moet, niets hoeft. 

Op de boulevard wemelt het van barretjes, restaurants en danstenten. Dat is nog wat vroeg, maar een lekkere cocktail lust ik wel. Ook bij de beroemde Witte Toren, het symbool van de stad, gaat het leven voorbij. Het is er gezellig druk. Heb je wat meer tijd, dan kun je hier makkelijk een fiets huren en via een fietspad de boulevard af rijden. Verbrand je die calorieën van het lekkere Griekse eten ook meteen...

Ontmoet de blogger

Corno

Corno

Van je reis een dróómreis maken. Dat wil reisjournalist Corno van den Berg (49) bereiken met zijn verhalen over prachtige bestemmingen, van Maleisië tot Lapland.

Lees meer

Schrijf je in voor onze maandelijkse nieuwsbrief en volg ons op social media.